Categorie archief: 2008

Stadsdichter Beverwijk 2008 – Arjan Slotboom

Avondroodfoto door stadsfotograaf : Carla Ellens

AVONDROOD

Deze stad heeft niemand om mee te praten
niemand luistert naar hem
deze stad is zo teleurgesteld
zo verlamd

Deze stad revalideert al jaren
zijn ziel steeds verder weggezonken,
ingestopt met beton en idiote architectuur

Hoeveel pillen heeft deze stad nog nodig
een lichaam vol pijn
blessure vernederingen
de scherven en blauwe plekken stil gezwegen

Deze stad revalideert al jaren
zonder enig succes

Machteloos staart deze stad zwijgend in het zwart
de droom die soms nog rondgaat in lege nachten
fantoompijn van hoeveel moois je nog wilde bewaren
infaust, met onderhuidse ruis

Veel is hier niet nodig voor annotatie
een kruis dat neon roodverlicht boven de stad uitkomt
voor de moloch die offers brengt in een stad die brandt

De ogen van de wijkertoren staren vermoeid in de verte
zijn ziel weggezwommen in de diepe blauwe zee

Hoe niets meer restte
dan de omtrek van de leegte

 

bestemmingfoto door stadsfotograaf : Carla Ellens

Bestemming

Dichtbij de kade
een gordijn van ochtend mist
waarin schepen smelten

In het rusteloze licht
met de scheve gelaatshoek van de oceaan
vaart een schip dat nog glanst van de golven
geregeld een nieuwe haven aan

Als je er met gesloten ogen
de golfslag hoort bewegen
in een trage allee

Loom en ondoordringbaar
de onderstroom
om het liefst naar de andere wereld te gaan

De wereld praat zonder iets te zeggen

Een schip slapend in de mond van de haven
droeg de naam van een andere stad.

Het ver verlangen getekend
in zijn schroefwater
de rimpels achterlaten, in de pijp
zijn kont toegekeerd
naar een stad die zijn roes uit slaapt

Een misthoorn bromt
zijn afscheid in eindeloze aarzeling
de stad vaarwel.

 

onderdewolkenfoto door stadsfotograaf : Carla Ellens

Onder de wolken

Als ik uitwaai
is het niet dat ik veel denken wil

Als ik uitwaai
is het niet dat ik de tegels in mijn hoofd wil

Als ik uitwaai
is `t omdat ik los wil

Zien hoe het water glinstert boven de golven
De luciditeit
De helderheid

ik wil de wind in mijn hoofd
ik wil de wind in mijn hart

De wind leest mijn gedachten
weegt elk woord overdenkt de avonden
Maakt duinen van gedachten
en een zeebank van de geluiden van de stad

Al was hij moe van al die jaren
waar de wolken overheen waren gesneld

Ik wil de wind in mijn hoofd
ik wil de wind in mijn hart

De wind speelt ruisend met de golven
en plooit het eeuwig denken
de rimpels uitgestrekt over het strand
waarin het daglicht langzaam zinken zal.

Het strand de plek waar alles opnieuw begint
de voetstappen achter en de sporen voor me
mijn blik naar morgen
en het verlangen naar de verte.

 

Metamorfose

Wie toch is blijven hangen aan deze stad
Verliest zich zelf toch
aan hoe het vroeger was

De geest van verloren tijden
de pijn van gemiste kansen
zoveel plekken die me niet aan staan

Daarom heeft deze stad uitleg nodig
je kunt het niet uitleggen aan iemand
die hier niet geboren is

Of het moet zo zijn dat
de moeder van deze stad is verdwenen
verhuisd naar een andere stad

en al jaren zitten wij
met een gescheiden vader
die aan de drank is en verward

Alsjeblieft moeder
verlicht deze stad

 

wegfoto door stadsfotograaf : Peter Hageman

Weg

Een weg groeit onder wie zich verzetten
een weg groeit
de trommelende echo steeds dichterbij

dit is het dan
de bomen vallen stil
de bomen vallen stil
te neer geslagen, weggeslagen

dit is het dan
de weg komt steeds dichterbij
straks loop ik hier over asfalt
is mijn achtertuin verdwenen
en verlicht door de vooruitgang

dit is het dan
een laatste duinstrook verdwijnt
in de verte hoor ik nog een kerkklok
het leven gaat verder
goedemorgen goedendag

 

wolkenfabriekfoto door stadsfotograaf : Peter Hageman

Wolkenfabriek

Vandaag zijn de stemmen van ijzer
hoor de roestige wind van metaal onzichtbaar
dat echoot als het rallentando over de duinen
in het schimmenspel van vuur en licht

de hittedans die boven het dal uit komt
het nachtelijke gevecht van de goden
in een kille surrealistische afwerkplek van metaal

Glijden de reusachtige wolken rook omhoog
het grijszwart gruis uit de schoorstenen
als een schip zonder ramen op weg naar de oceaan
de miljoenen stofjes windgedreven.

Het lekt over de randen van het duin
en likt het strand
het likt de huizen, de daken, de ramen,
als een nachtelijk tapijt.

De stem van ijzer klinkt door de nacht
als het barokke geluid van die Einsturzende Neubauten
wie goed luistert hoort de echo weerkaatsen
het walsen van ijzer in de nacht.

 

zeebedfoto door stadsfotograaf : Carla Ellens

Zeebed

Hoor je ze de golven
de zeemuziek
een zee van witte lippen die spreken
met het heimwee van vergeten

De zee raakt mij aan
het water zoekt zich een weg
stroomt, kust, suist, likt, neemt, spat, streelt

Ik neem de zee in mijn armen
voel het water
perpetuum mobile eeuwige beweger

Zoals een rivier die stroomt naar de zee
stroomt en stroomt en stroomt
zo word ik op die eindeloze stroom voortgedreven
meegesleept, opgetild,
meegesleurd door de eeuwige deining
die mij verenigt als een stukje oceaan

Ik werd een golf,
een zuchtje wind, een droom, een reis
een hoeveelheid wereld, de rimpels in het zand
de branding, een spiegel voor de zon

Zomer is en zomer blijft
een verlangen dat nooit sterft