Categorie archief: Literatuur & Poëzie

Tweede gedicht ‘Wifi’ van Janneke Methorst met illustratie van Wies Tesselaar

Breestraat verbinding Wies Tesselaar

 

 

 

 

 

 

 

 

Wies Tesselaar

 

Verbinding

Want thuis is waar de wifi
Eerder weet dat ik er ben
Dan dat mijn voeten de mat raken
Waar ik grenzeloos contact leg
Met alles en iedereen

Maar welke provider ik ook
Met open armen
In mijn huis verwelkom
Nooit weet mijn wifi dat ik er ben
Blijf ik hangen op een g of 4
Snak ik naar verbinding
Die ik digitaal niet eens kan vinden

Dus verhuis ik straks
Naar een van de appartementen
Die komen in het pand
Waar ooit de KPN zat
Midden op de Breestraat
Want als ik daar geen verbinding heb
Weet ik het ook niet meer

Janneke Methorst, Stadsdichter Beverwijk 2021

 

Stadsgedicht en illustratie in de krant

Gedicht Nul251 Het jongerenwerk van Janneke Methorst met illustratie van Wies Tesselaar

0251 Illustratie Wies Tesselaar

 

 

 

 

 

 

 

Wies Tesselaar

Nul251 Het jongerenwerk

Er wordt gevoetbald op de pleintjes in Beverwijk
de Cruyff Courts zijn altijd gevuld –
harde stemmen vullen de ruimtes
vaak tussen grijze hoogbouw
vergeten winkelwagens
en afgedankt meubilair

Er wordt gepraat op de pleintjes in Beverwijk
de bankjes en de muurtjes
zijn het middelpunt van gezelligheid
het eindpunt van verkering
en de start van wat beters

Want wie verder kan kijken
dan zakken chips, aangevuld met energydrank en veel lawaai
ziet tussen de jeugd rugnummers -0251- rennen
Ze lijken kansloos tussen alle getalenteerde voetballers
die moeiteloos de bal tussen de palen schieten
precies weten waar de energy het goedkoopst is
maar even zo vaak geen idee meer hebben
hoe echte problemen weggeknald kunnen worden

En het zijn die jongeren die,
via zo’n bal, in gesprek komen
met de niet geschikte 0251 voetballer
die Fortnite nog steeds speelt als een noob
Maar die wel weet
dat de dingen die jij kunt
verder gaan dan schreeuwen in een parkje

Omdat ze voorzichtig door je brievenbus durven kijken
om zo een voet tussen de deur te krijgen
en je kunnen helpen
als het bankje op het pleintje niet meer genoeg is.

Janneke Methorst
Stadsdichter Beverwijk 2021

Janneke Methorst, stadsdichter 2021

Janneke Methorst is voor de tweede keer verzocht
stadsdichter van Beverwijk te worden.
Na een spannende (online) strijd met aanstormend talent
Doris Schyns, die eerder heeft meegedaan met de e-verzen en
de vertaalwedstrijd,  is Janneke door de jury gekozen tot de
dichter die voor het jaar 2021 Beverwijk mag vertegenwoordigen.

Sinds 2001 organiseert de Stichting Kunst & Cultuur Beverwijk
deze wedstrijd al. Beverwijk heeft daarmee het genoegen de
Nederlandse stad te zijn waar het langst  een stadsdichter actief is.

Brigitte van den Berg, wethouder cultuur, belde op oudejaarsdag
bij Janneke Methorst aan en benoemde haar officieel tot
stadsdichter 2021 met  een fles champagne en een bos bloemen.
Niet in Camille deze keer, maar gewoon op straat, voor het huis van Janneke.
Janneke Methorst 2021

 

 

 

 

 

 

 

 

De ingezonden gedichten van Janneke Methorst vind je hieronder:

Elke dag  

Ik fiets
in een nog donkere stad
waar de straatlantaarns soms wel
en soms niet
hun licht over straat werpen
Ik hoor ergens geluid,
dat hoor ik altijd,
want ik woon in een stad
die nooit echt in slaap is
Boven de daken brandt de Tata
die zich ook aan de vensterbanken hecht
geroemd en vergruisd is er geen middenweg
Er wordt gewerkt aan een straat
of een stoep
of een huis
Er is altijd iemand
ongeacht de tijd
die met mij door Beverwijk lijkt te bewegen.
 En elke dag weer
groet een man met een hond
mij en mijn fiets in de ochtend
Ik fiets trager
als ik bang ben
dat ik hem zal missen
sneller als ik te laat
van huis ben gedaan

Maar vandaag fiets ik
even
door een heel stille stad
na de hond
is de man ook
van mijn pad verdwenen.
             *****
Een Beverwijker kijkt niet op
die gaat
en laat
het allemaal gaan
Een scootmobiel, met radio op standje oorlog, op straat
niets aan de hand
Een kersttrui als het zomer is
dat moet je zelf toch weten
Met blote voeten even een rondje over de Bree
waarschijnlijk vond iemand, dat wel een goed idee
Drie karretjes met touwtjes
vast achter een oude fiets
het kan, het mag, het zal of moet en niemand zegt er niets 


Een Beverwijker kijkt pas op
als iemand zegt wat vreemd
En dan,
heel plotseling,
merk je ineens weer,
hoe bijzonder het hier is. 
 
Janneke Methorst
Stadsdichter Beverwijk 2021
 

Laatste stadsgedicht van Nick Kolder met illustratie van Wies Tesselaar PLUS oproep!

Gezwam
Onder de hoede van de stam
-die vóór wonen stelt te zijn-
halen sporen vrij hun gram
leven gezinnen in verkwijn.

De kleine Wijkers versus
het nalatig instituut.
Zit er schimmel in de hersens?
Is de wijk slechts attribuut?

Het levert toch wel geld
en het hoeft toch niet zo duur?
Getallen zijn net mensen,
bewoners zijn slechts huur.

Oh, de camera’s erop,
de spotlight staat nu aan:
pr begint te dweilen,
je weet met welke kraan.

‘Weer fijn kunnen wonen’
want schimmel is ‘niet zo fijn’?
Betalen voor je armoede –
dat doet verdomme pijn!

Je gaat je uiterst best maar doen
en spreek uit wat dit benam
Fix de boel, geef terug hun poen
en stop met dat gezwam.

Nick Kolder, Stadsdichter Beverwijk 2020

Illustratie van Wies Tesselaar

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Illustratie van Wies Tesselaar

 

OPROEP

Stadsdichtersverkiezing online

De verkiezing van de Stadsdichter 2021 staat weer
voor iedereen open. Vanaf heden kun je meedingen
en je werk inzenden.
Uiterste inleverdatum is 24 december.

Iedereen met een romantische of scherpe pen
kan zijn gedachten in dichtvorm aan het papier toevertrouwen.
Of je nu mild of kritisch van toon bent. En vervolgens
kun je dat niemand laten lezen. Maar je kunt ook je schrijfsels
opsturen en kans maken op de titel Stadsdichter Beverwijk.

Onderwerpen zat, in deze woelige tijden. Van coronacrisis,
vaccinaties, Amerikaanse verkiezingen tot meer regionale
als het Tennet Transformatorstation en de Zweedse flirt
van de staalfabriek in IJmuiden, de woningnood
of de nieuwe armoede. Eén ding is anders dan andere jaren.
De verkiezingen kunnen niet live worden georganiseerd.
Alle horeca, dus ook café Camille, is nog even gesloten.
Een avond zoals andere jaren met zinderende voordrachten
van de deelnemende dichters is helaas onmogelijk.
Vandaar dat we de deelnemers uitnodigen
om hun bijdragen schriftelijk én op video of audio in te sturen.

Van iedereen vragen we twee geschreven gedichten,
plus een gedicht dat hij of zij op video of audio opneemt.
Aan de hand van de voordracht en tekst wordt de winnaar gekozen.
Zowel de opgenomen voordrachten als de geschreven gedichten
worden later wel bekendgemaakt op een website.

De jury bestaat als vanouds uit de wethouder Cultuur
(Brigitte van den Berg), de vorige stadsdichter (Nick Kolder),
een vertegenwoordiger van de bieb, Roetz-man Jacky de Vries,
uitbaatster José Schuyt, en organisatoren  Fransje Boot en
Jaap Tesselaar (van de stichting kunst & cultuur Beverwijk).

Inzenden (twee gedichten en een audio- of video-opname)
voor 24 december (of eerder) naar jtz@xs4all.nl of
info@kunstencultuurbeverwijk.nl

 

 

 

 

Wie overtreft Nick ?

Wie overtreft Nick ? Zie zijn e-gedicht hieronder.

Iedereen die denkt Nick Kolder te kunnen overtreffen
in een gedicht met enkel e’s, mag zijn vers te sturen
naar jtz@xs4all.nl onder vermelding van e-vers.
Elke serieuze deelnemer krijgt een kleine attentie uit handen
van de dichter zelf. Vers bestaat uit 8-12 regels en alleen de medeklinker e is toegestaan. Geen a’s, o’s, i’s, u’s of y’s, ook geen tweeklanken (oe, ui, etc).
De mooiste inzending krijgt ook nog een plaatsje in de krant,
met een prachtige illustratie van Wies Tesselaar erbij.

Septemberregen door stadsdichter Nick Kolder met illustratie van Wies Tesselaar

Septemberregen

 

Bevers, herfstbelevers,

een kersverse mekker-reden

Het herfstperk, een tegenstrever,

eer de échte ellende hen heter brengt te kleden

 

Heel de week de hemel neer

Heel de week de hemel bedekt

Elk vreemd leed deed weer zeer

Elk feestgestem betrekt

 

Septemberregen, je bent er –

Getverdemme, kleedsel weer gedrenkt

Echter ben ‘k wegens je recenter

nét een echte Bever; jengelend, gekrenkt

 

Neck Kelder – Stedsdechter Beverweek 2020

 

Illustratie Wies Tesselaar Noordpier

Wies Tesselaar – Noordpier

Kunstwerken Hans Tentije

Kunstwerk Hans Tentije

De dichter Hans Tentije schreef in 2008 op onze uitnodiging het
gedicht Beekzang voor onze kunstmanifestatie Beek als Bron.
Toen hij in 2018 voor zijn gehele oeuvre
de Constantijn Huygensprijswinnaar won, wilden wij hem
samen met de gemeente een eerbetoon brengen. Niet louter
omdat hij in Wijk aan Zee geboren is, maar omdat Tentije
onnavolgbaar dicht over onafwendbare veranderingen
in het landschap.
In 2018 gaven we Wat herinneringen willen’ uit, een dichtbundel met een selectie van zijn ‘Beverwijkse’ werk.

Nu spannen we ons in, samen met de gemeente en
de landelijke stichting Dichter in Beeld, om twee kunstwerken
van zijn gedichten in de openbare ruimte te plaatsen.

De kunstenaar Tim Ayres maakte een ontwerp voor ‘Van over zee’
en Maud van Gool voor ‘Beekzang’. Hun ontwerpen zijn goedgekeurd. Najaar 2020 begint de sponsorwerving om de beelden te realiseren.

 

Nieuw stadsgedicht van Nick Kolder met illustratie van Wies Tesselaar

Alles op afstand

De anderhalfmetersamenleving heeft ook de stadsdichter
niet onberoerd gelaten. Het alledaagse leven in tijden van corona
vindt plaats op afstand, terwijl de behoefte aan contact
juist zo groot is. Onze stadsdichter Nick Kolder neemt
geen blad voor de mond, en schreeuwt ons liefdevol toe.
Heeee Beverwijkertjeee!!!

Gewoonlijk is gedicht en illustratie op de bekende plekken
af te halen en mee te nemen. Vanwege de maatregelen
doen we het deze editie anders. Ieder die dit gedicht en illustratie
als ansichtkaart wil hebben, kan een mailtje sturen naar
jtz@xs4all.nl. De kaart wordt vervolgens door de stadsdichter zelf
of de stoere mannen en vrouwen van de post persoonlijk
thuisbezorgd. Voor niets. Voor de saamhorigheid, Beverwijkertjes!

Gekroond en Bewoond

Hey Beverwijkertjeeee!!!
schreeuw ik liefst iedere dag
uit mijn raam naar niemand per se
en des te langer de dag des te minder de zin

Hey Beverwijkertjeeee!!!
roept niemand naar iemand
naast de poorten van een winkelsteeg
en zo uchekuchen de wijkers weer door

Hey Beverwijkertjeeee!!!
als zo’n geliefd persoon
zwaaiend en wel, op afstand
met een koortsige grijns door de straten schuifelt

Hey Beverwijkertjeeee!!!
snottert iemand
ergens iets over het samenzijn
in een vaag begrepen reeks van strofes

Hey Beverwijkertjeeee!!!
naar iemand van deze stad
ooit gewoond of nu hier of nog maar net ziek
Wie dan wie dan wie dan wie dan wie dan wie dan

Hey Beverwijkertjeeee!!!
naar de echte wijker weet je wel
die van de buurt iedereen kent hem toch
hij is van de lange en die ouwe én iets met sigaren

Hey Beverwijkertjeeee!!!
rellend op de wijkertoren
tierend boven daken
razend, groetend, proestend, over Beverwijks verschiet

gister zag ik blauwe hemel
droeg iedereen een kroon

Nick Kolder, Stadsdichter Beverwijk 2020
Illustratie van Wies Tesselaar:

Nieuw tekening Wies 2 iets groter

 

Inleiding en vertalingen van The Waste Land

Nieuw tekening Wies Wasteland klein

 

 

 

 

 

 

 

Illustratie van Wies Tesselaar

April is de zwartste maand

Het begon als een spontane actie van de
Stichting Kunst &Cultuur Beverwijk
en deze krant op 1 april. De vertaalwedstrijd van de eerste
zeven regels van het gedicht The Waste land van T.S. Eliot,
al of niet in het licht van de crisis nu.
Al op de dag van de publicatie van het initiatief kwamen er
vertalingen binnen. Jaap Tesselaar van de stichting was blij verrast.
“Ik zat al snel tegen de twintig vertalingen.
Het heeft echt een snaar geraakt, lijkt wel.
Gelukkig was er een grote groep mensen die het leuk vond
om op een pittig gedicht te puzzelen.
Op zoveel goede inzendingen hadden we niet gerekend.
We besloten Roelien Plaatsman, beëdigd vertaler,
naar de vertalingen te laten kijken. Het was heel spannend
om te zien hoe het verder uit zou pakken.”
Plaatsman liet haar licht erop schijnen. “Wat me opviel aan de
inzendingen: er zijn mensen die zijn gaan vertalen, en mensen
die vrij zijn gaan interpreteren, tot naar de huidige viruscrisis
aan toe. Nou was dat ook aangegeven in de uitnodiging,
en het virus geeft inderdaad een wreed kantje aan deze april.
Vertalen is natuurlijk per definitie interpreteren,
en sommigen van de vertalers bleven wat schools, erg letterlijk.
Anderen zijn echt aan het ’dichten’ geslagen, weer anderen
lieten de dichtvorm juist helemaal los. Hier en daar
sloeg de beeldspraak wat op hol, zonder oog voor
wat er nou eigenlijk stond, zowel in de Engelse tekst
als in de eigen versie”, aldus Plaatsman.

KLEMTONEN
“Als je een vertaling hardop leest, wat je bij poëzie overigens
altijd moet doen, weet je of de tekst lekker loopt of niet.
Op papier kan het er goed uitzien, maar in het Engels vallen
klemtonen anders dan in het Nederlands.
Bij het vertalen van poëzie kun je je veel vrijheden veroorloven,
maar er zijn grenzen. Die zitten er ook in het origineel, qua stijl,
taal en beeldspraak. Clichés mogen hier niet, het is geen meezinger.
En voor mij moet er een zeker ritme in de tekst zitten.
Deze eerste strofe van The Waste Land is heel gestructureerd,
Eliot gebruikt alliteratie en klankrijm.
Bij de getrouwe versies zitten een paar die elkaar nauwelijks
ontlopen. Dat maakt de keus wat willekeurig.
Stella van Lieshout was de eerste die er bovenuit stak met haar
prachtige openingszin, maar Joni Zwart komt ook in de buurt.
Uiteindelijk kies ik toch voor de inzending van Ina Zwart”,
legt de vertaler uit.

GLOEDVOL
“Bij de vrije interpretaties is die van Marc Commandeur goed,
al loopt hij misschien iets te keurig uit de pas. Dan liever
de hartgrondigheid van Bart Boele. Bij deze categorie heeft toch
uiteindelijk die van Isa mijn voorkeur. Die is gloedvol en beeldend.
Mooi gedaan.
En vlak voor het vallen van de deadline kwam er dan nog een
inzending binnen die tussen de letterlijke vertaling en de vrije
interpretatie instaat. Die van Alex Mooren. Hij volgt niet naar
de letter, maar komt het origineel wel nabij. Goed getroffen.
Ik ga dus drie medailles uitdelen. Een voor Ina voor de letterlijke
vertaling, een voor Isa voor de interpretatie en een voor ertussenin
voor Alex. De -wat mij betreft- beste inzenders tonen zowel oog
voor inhoud als voor vorm. Goeie dichters. Maar sowieso geweldig
leuk om in al die gedichten zoveel mooie invallen en vondsten
te lezen. Op naar de volgende maand”, zegt Plaatsman hoopvol.

Kunstenares Wies Tesselaar maakt bij elk gedicht uit de pen
van de Stadsdichter van Beverwijk een illustratie.
Ook voor dit initiatief. The Waste Land is een gedicht van
de Amerikaans-Britse dichter, toneelschrijver,
cultuurfilosoof en literatuurcriticus Thomas Stearns Eliot.

Het dichtwerk bestaat uit vijf delen:
Deel 1, The burial of the dead werd vertaald:

April is the cruellest month, breeding
Lilacs out of the dead land, mixing
Memory and desire, stirring
Dull roots with spring rain.
Winter kept us warm, covering
Earth in forgetful snow, feeding
A little life with dried tubers.

De vertalingen:

Wreder dan andere maanden
werkt april seringen uit de grond.
Herinneringen en verlangens zakken
met het regenwater langs doffe wortels.
De warme, troebele dekking van de winterdeken
maakt plaats voor levendige knollenweken.
Mattijs Reinen

Het verdorven land
Zo vreselijk is april, terwijl er
seringen uit schijndood land groeien, herinneringen
en verlangen gewekt worden, zoals
verdroogde wortels in lenteregens.
hield de winter ons nog warm, bedekt onder
de aarde en vergevingsgezinde sneeuw, maar gevoed
met droge knollen zonder leven
Janneke Methorst

De dood aan de overdaad
Er is een virus dat ons ernstig vermaant
op afstand gaand
zie ik bloeiende iris
de natuur gaat zijn gang
eerlang
zal zij ons weer opbeuren
met geuren en kleuren
onze gedachten vangen
uit herinneringen, nieuw verlangen……
Ineke Hoopman

Waste land
Ach april, schatkamer van nieuw leven, hoe wreed is het nu
om te zien hoe bloemen zich uit de dode aarde wringen
en ons herinneren aan het lentegevoel dat we kenden
en dat we nu zo hartgrondig terug wensen. Zelfs het saaie,
zelfs de druilerige voorjaarsregens willen we terug,
evenals de winter terwijl we ons nog wentelden in de
warmte van onwetendheid. Oh, onze kostbare gewone levens,
met wortels van heimwee, opdrogend aan ons hart.
Janet Kleiberg

Het vergeten voorland
Van april had ik niets anders verwacht, ze bracht
zonneschijn over ons uitgestorven land, brandend
in de diepste wensen van ons hart, verwarde
ons verwarmde gras met voorjaarsbuien.
De winter had ons warm gemaakt, raakte
de aarde aan met bevroren vooruitzicht, verzweeg
een leeg leven met een zweem van hoop.
Isa van Klaveren

De begrafenis van de dood
April is de verschrikkelijkste maand, seringen
brengt hij voort vanuit het dode land, herinneringen
en verlangens worden vermengd, suffe wortels
worden in beweging gezet door lente-regen.
De winter hield ons warm, hij bedekte
de aarde met sneeuw die doet vergeten, hij voorzag
in een beetje leven met gedroogde knollen.
Richard Numan

Deze april mag wel dood
April 2020 is een wrede maand, eindelijk
Lente na die fokking winter, maar
Niemand kan er van genieten, dus
We hebben er niets aan
Dood moet april, dood.
Corona gijzelt ons, wie weet
Wat dat allemaal gaat veranderen
Bart Boele

Het begraven van de doden
Meedogenloze maand, april. Kweekt
seringen op uit doods land, mengt
herinnering met verlangen, wekt
slapende wortels met een lentebui.
Winter hield ons warm, dekte ons
toe met vergeeflijke sneeuw, voedde
een klein leven met droge knollen.
Stella van Lieshout

De woestenij
Geen maand is wreder dan april, seringen trekt hij uit het dode land
omhoog, maar duwt mensen er met duizenden weer in. April mengt
de herinnering met het verlangen naar een minder bittere tijd.
De botte wortels in de lenteregen woelen na een warme winter
door de aarde en proberen al dit leed met sneeuw te dekken.
Het leven dat rest is volledig uit het lood geslagen. We slapen
slecht, vergeten niets en eten enkel droge rapen.
René Vincken

April is meedogenloos, op zoek
naar ‘la Belle vie’,
verscheurt hij de dorre grond, met
wortels als wapens.
De winter kwam zonder sneeuw, sloot onze luiken,
bracht warme wijn en mijmerde over de schaduw van geluk.
Anna Bongers

1
April, zo wreed al eeuwenlang
Omwoelt haar doodgewaande aarde
Mengt tegenzin met geldingsdrang
Daar, in kille droogte stilgelegen
Zijn wortels van sering
Bang voor verzadiging
Door frisse voorjaarsregen
En hoe de winter ons bedekte
Met een warme witte zegen
En hoe zij, zonder herinnering,
Met koele drup de knollen wekte
als een onbevlekte
bevrediging

2
April, zo wreed al eeuwenlang
Heeft werkelijk toegeslagen
Mengt heilig vuur met geldingsdrang
Besmet met niet te stoppen dwang
Een ieder zonder vragen
Als wortels van een woekering
Wars van verzadiging
Nog lange niet verslagen
En hoe de winter ons behoedde
Met haar warme witte deken
En hoe zij toch, zonder bevroeden,
Met een enk’le drup het virus wekte
Dat snel de aard’ bedekte
In koelen bloede
Neergestreken
Piet Blankendaal

Onmacht
Inhumaan april. Fris
groen, buiten. Mengt
herinnering en hongeren. Roert
dood met krokussen.
Winter suste. Afstand
als weerstand. Voedde
wijsheid met onwetendheid
Marc Commandeur

Het Barre Land
April is de wreedste maand, hij broedt
Sierheesters uit het dode land, mengt
Herinnering met verlangen, beweegt
Slome wortels met lenteregen
Winter verwarmde ons, hij bedekte
Aarde in vergeten sneeuw, voedde
Ons krappe leven met verdorde knollen
Marina de Haan

Het barre land
I. Handleiding tot een begrafenis
April is de wreedste maand, broedt
seringen uit het barre land, mengt
herinnering met verlangen, verroert
doodse wortels met lenteregen.
De winter hield ons warm, bedekte
aarde met vergeetachtige sneeuw, voedde
een klein leven met droge knolgewassen.
Joni Zwart

Het begraven van de doden
April is de wreedste maand, ze kweekt
seringen uit dode grond, vermengt
herinnering met verlangen, geeft
doffe wortels glans met lenteregen.
De winter hield ons warm, bedekte
de wereld met vreedzame sneeuw en gaf ons
een sprankje leven in gedroogde bollen.
Doris Schyns

’’De wreedste maand is april
als uit de dode aarde bloemen ontluiken,
En de lenteregen de herinnering
vermengt met het verlangen.
Vergeten is de sneeuw die ons ‘s winters
toedekte als waren wij bollen
Een beetje nieuw leven
vanuit verdroogde knollen’’.
Ton van Weel sr

Verspilde aarde
1. Het begraven van de doden
Van alle maanden
is april
de meest harteloze
Ze perst seringen
uit dode grond,
mengt herinneringen
met verlangens
en roert dorre wortels
door lenteregen
De winter hield ons warm
met een deken
van smeltende sneeuw
en het voeden
van jong leven
met gedroogde knollen
Ina Zwart

Begraven van dood hout
Coronapril is een wrede maand
Lelieblanke ideeën worden uitgebroed
Moeten en willen dansen door elkaar
Latente creativiteit wordt besproeid
Wat was, was een warme deken
Ontwijken van
Nieuw leven
Tineke Jippes

April is de wreedste maand, ze laat
Seringen uit de dode grond ontspringen, mengt
Verlangen met herinneringen, kust
Schijndode wortels wakker met lenteregen.
De winter hield ons warm, bedekte
De aarde met vergankelijke sneeuw, voedde
De arme stakkers met verschrompelde knollen.
Alex Mooren

Een paginagroot artikel in het
Noord Hollands Dagblad met de
prachtige illustratie van
Wies Tesselaar:

The Waste Land pagina NHD